Geplaatst op Geef een reactie

Tomaten – De Volledige Kweekgids

Tomaten de volledige kweekgids omslag

Tomaten zijn waarschijnlijk de meest geliefde groente van de moestuiniers. Ze komen voor in meer dan 10.000 verschillende soorten met allemaal hun eigen smaak, geur, kleur, textuur,… Er is dus voor ieder wat wils. Bovendien smaakt een verse tomaat, één die nog een beetje warm is van de serre zoals geen enkele tomaat die je in de winkel kan kopen. Ik zeg vaak dat wanneer je je eerste tomaat hebt gekweekt je jezelf een echte moestuinier mag noemen.

Je verwacht het niet maar tomaten zijn van alle andere groenten nog het nauwst verwant aan de aubergine en,… de aardappel! Net zoals de aardappel is de tomaat in de zeventiende eeuw van Amerika naar onze contreien gebracht. Aanvankelijk vooral als sierplant, want men dacht dat tomaten giftig waren. Dat klopt ergens wel, alle delen van de plant bevat de giftige stof solanine. Enkel volledig rijpe tomaten zijn vrij van solanine (met uitzondering van de zaden). Maar het duurde tot halverwege de achttiende eeuw eer men dat besefte. Dit ontdekte men niet toevallig in Italië, waar nu nog steeds de grootste tomatenliefhebbers wonen.

Soorten Tomaten

Er zijn wel duizenden verschillende soorten tomaten. De oplijsting die ik hier maak is dan ook beperkt. De opdeling hieronder is op basis van de grootte en de vorm, maar ook qua kleur, vorm en structuur is er enorm veel variatie. Zo zijn er naast klassieke rode tomaten ook gele, witte, groene, paarse,… rassen. Ze kunnen gestreept of geribd zijn en de structuur kan heel waterig of net heel vast zijn. Sommige tomatenplanten hebben de interessante eigenschap dat ze zelftoppend zijn. Dat wil zeggen dat ze na een bepaalde hoogte vanzelf stoppen met groeien. Andere tomatenrassen moet je zelf toppen, anders groeien ze vanzelf door.

Kerstomaat Sweetie aan een tros in de moestuin

Kerstomaten

Kerstomaten zijn de kleinste tomaten. Ze hebben de grootte van een dikke kers en hebben een zoete smaak. Ze groeien heel snel en sterk en vormen doorgaans een struik. Dat wil zeggen dat je niet één hoofdstengel moet heben, maar dat deze plant wel twee of drie stengels kan hebben. Zo haal je een veel grotere opbrengst van één plant. Een andere naam voor de kerstomaat is de cocktailtomaat of snacktomaat.

Tot deze soort behoren Kerstomaat Sweetie en Kerstomaat Clementine

Close-up op tros tomaten aan een tomatenplant

Middelgrote Trostomaat

De middelgrote trostomaat is de meest gekende en gekweekte. Deze tomaat heeft de grootste variëteit van verschillende rassen. Zo zijn er oranje tomaten zoals de Tomaat Orange Queen. Deze heeft een heel stevig vruchtvlees. Maar er zijn bijvoorbeeld ook gele tomaten met weinig vruchtvlees en weinig zaden zoals Tomaat Paprika Vincent. Voor ieder wat wils dus.

Coeur de boeuf tomaat

Vleestomaat

De vleestomaten zijn de grootste tomaten en hebben een heel geribde vorm. Ze hebben naar verhouding de minste hoeveelheid zaden. Daardoor behouden ze hun vorm goed en zijn ze heel geschikt voor ovengerechten. De klassieke Coeur de Boeuf is hiervan waarschijnlijk de meest bekende.

Rijpe San Marzano tomaten

Lange Tomaten

De lange tomaten vallen vooral op door hun vorm. Ze hebben een langwerpige, bijna oval vorm. Ze hebben meestal een heel stevige structuur en zijn niet zo sappig. Meestal worden ze gebruikt als saustomaat of om in te maken. De klassieker onder de lange tomaten is daarbij de San marzano tomaat, die oorspronkelijk groeiden in de vruchtbare grond rond de Vesuvius.

Deze tomaten staan ook wel eens bekend als ‘pruimtomaten’.


Tomaten van De Tuindoos

Standplaats van Tomaat

Als er één ding is dat belangrijk is voor de groei van een goede tomaat is dat er voldoende zonlicht en warmte is. Als je een heel warm en zonnig plekje in je tuin hebt kan je proberen om daar je tomaten te zetten, maar het makkelijkst blijft toch om tomaten in een serre te kweken. Heb je geen serre dan is het alternatief een kleine struikvormige plant (zoals een kerstomaat) kweken in een grote pot of bak en deze bij koud, nat of winderig weer beschut zetten.

Zonlicht en Water

Tomaten hebben veel warmte en zonlicht nodig. 8 uur volle zon per dag is het minimum. Bij voorkeur doe je dat in een serre, zo zijn de planten meteen ook beschermd tegen de regen en wind.

De bodem waar tomaten op groeien moet goed water kunnen vasthouden. Dat kan je verbeteren door voor het planten goed verteerde compost in de bodem te werken. Na het planten breng je dan een flinke mulchlaag aan.

Je kan je tomaten ‘trainen’ door ze op de juiste manier te verplanten en door ze op de juiste tijdstippen water te geven. Dan maken ze zeer diepe wortels die zelf op zoek gaan naar water. Zo zijn ze beter bestand tegen korte periodes van droogte. Meer over het trainen van je tomaten vind je in het deeltje teeltzorgen.

Bodem en Vruchtwisseling

Tomaten zijn echte veelvraten. De bodem waar ze in groeien mag heel rijk zijn aan organische stoffen, bijvoorbeeld van compost of (stal)mest. Let op voor zuivere stikstofbemesting. Te veel stikstof zorgt vooral voor veel en grote bladeren en verhoogt de kans op schimmels. Het belangrijkste element is vooral kalium. Dit zorgt voor betere en lekkerdere tomaten.

Tomaten houden van een licht zure bodem. De pH mag zakken tot 5,5, maar een ideale pH is tussen 6,0 en 6,5.

Je kan in het najaar groenbemesters zoals rogge of klaver inzaaien en deze in het voorjaar in de bodem verwerken. Het voordeel van groenbemesters is dat ze niet te veel stikstof in de bodem brengen. Rogge maakt bovendien kalium vrij uit de bodem,

Groenbemesters en Biologische Meststoffen van De Tuindoos

Vruchtwisseling & de Nadelen van een Serre

Voor een gezonde bodem is het belangrijk dat je aan vruchtwisseling doet. Concreet houdt dit in dat je de tomaten en alle aanverwante groenten (zoals aardappelen en aubergines) elk jaar op een ander plekje in je moestuin zet. Bij voorkeur zit er minstens 4 jaar tussen twee teelten tomaten op dezelfde bodem. Doe je dit niet kan dit leiden tot schimmelziekten en aaltjes. Meer informatie over wisselteelt kan je lezen in deze blogpost.

In een serre is het uiteraard niet gemakkelijk om wisselteelt aan te houden. Je hebt maar een beperkte plaats en wil deze graag zo optimaal benutten. Wat je dan kan doen is elke 3 jaar de bodem verversen. Schep hierbij de grond tot 60 cm diep weg uit de serre en vervang deze door verse tuinaarde.

In de serre regent het nooit, je bent zelf diegene die voor water zorgt. Dat is natuurlijk een voordeel voor planten zoals tomaten die niet van water op de bladeren houden. Het nadeel is echter dat wanneer je te veel gebruik maakt van meststoffen de zouten zich kunnen ophopen in de bodem. Ze spoelen namelijk niet weg met het regenwater. Daarom moet je in het voorjaar de bodem extra veel water geven. Een handige manier om dat te doen is door net gevallen sneeuw in je serre te scheppen. Zo gebruik je geen kostbaar bodemwater!


Tomaten Zaaien, Verspenen en Verplanten

Tomaten zijn niet de eenvoudigste groenten om te telen. Bij elke stap van het zaaien tot het verplanten zijn er een aantal dingen waar je goed op moet letten.

Tomaten Zaaien

Als je een warme plek met veel licht hebt in huis kan je eind februari al beginnen met voorzaaien. Dat kan bijvoorbeeld in een warme veranda die op het zuiden gericht is of onder een speciale groeilamp. Heb je dit niet dan wacht je beter nog even tot halverwege de maand maart.

Zaai in een tray of bakje gevuld met zaai- en stekgrond. Dit is een armer grondmengsel dat veel zand bevat en heel luchtig is. Hierdoor ontwikkelen de jonge plantjes een groot wortelgestel. Hoe je zelf zaai- en stekgrond kan maken kan je hier lezen. Je kan ook perspotjes gemaakt van zaaigrond gebruiken.

Zet de tray op een warme plaats van minstens 20°C. Je kan de tray afdekken met een glasplaat of huishoudfolie om een broeikaseffect te creëren. Eenmaal de zaadjes gekiemd zijn verwijder je deze, zodat de jonge plantjes goed verlucht worden en geen schimmels kunnen krijgen.

Water geef je door met een sproeier het water over de bakjes te vernevelen.

Tomaten Verspenen

Wanneer de jonge plantjes zo’n 10 dagen oud zijn kan je ze verspenen. Ze hebben dan enkel nog hun 2 puntige kiemblaadjes. Bij het verspenen haal je de jonge kiemen voorzichtig uit de aarde en plaats je ze in diepere bakjes of potten gevuld met een gewone potgrond. Door te verspenen zorgen we ervoor dat de wortels (die groot kunnen worden in de zaaigrond) nu sterker kunnen worden zodat de plant beter kan groeien.

Verspeen in bakjes of potten met openingen aan de bodem. Dit laat je toe om de potten in een schaaltje met water te zetten. De aarde zal dan zelf dit water opzuigen. Water dat na een halfuurtje nog in het schaaltje staat is te veel en mag je weggieten.

Je mag de plantjes vrij diep verspenen. De kiemblaadjes mogen net boven de bodem uitkomen. De stengel gaat zich hierdoor ook als een wortel gedragen waardoor je een veel dieper wortelgestel creëert. Vanaf nu mogen de plantjes iets koeler staan, een temperatuur tussen 18°C en 20°C is ideaal. Licht blijft wel heel belangrijk. Te weinig licht zorgt voor lange, maar zwakke plantjes.

Plantjes gekweekt in perspotjes hoeven niet verspeend te worden en kunnen 3 weken na kiemen ingepot worden

Tomaten Inpotten

De laatste stap voor het verplanten van de tomaten naar de serre is het inpotten van de planten. Dit gebeurt 2 weken na het verspenen. Bij het inpotten verplaats je de plantjes naar potten gevuld met een mengsel van rijke potgrond en goed verteerde compost. De potten moeten een doorsnede hebben van minstens 10 centimeter.

Zoals bij het verspenen pot je best je tomatenplanten in in potten met een opening aan de onderkant. Zo kan je langs onder water geven.

Opnieuw plant je de planten zo diep mogelijk. Als de kiemblaadjes nog aan de plant zouden hangen mogen deze gewoon bedekt worden onder aarde. Na het inpotten zijn de planten weer wat beter bestand tegen koude temperaturen. Ze hebben nu een temperatuur van minimum 15 °C nodig. Wat belangrijk blijft is dat de planten veel licht nodig hebben.

Tomaten Verplanten

Nog eens 3 tot 4 weken na het inpotten kunnen de tomaten eindelijk in de serre geplant worden. Als je geen serre hebt kan je ze op dit moment opnieuw naar een grotere pot verplanten.

Ook al komen de tomaten in een serre te staan, afharden van de tomatenplanten is heel belangrijk. Je kan ook persblokjes gemaakt van zaaigrond gebruiken. Dat doe je door ze in de dagen vóór het verplanten ze op warme dagen buiten of in de serre te zetten, maar ‘s nachts weer binnen te halen. Zo raken ze al gewend aan het koudere weer.

Geef de potten voor het verplanten veel water, zo glijdt de plant makkelijk uit de pot. Opnieuw mag je de planten zeer diep verplanten en kan een deel van de stengel de grond in. De eerste bladeren mogen net boven de grond uitkomen. De gaten vul je niet met aarde, maar met rijpe compost, zo krijgen de tomaten meteen een goede voeding. Heb je in het verleden last gehad van neusrot is het nu de moment om wat extra kalk aan het plantgat toe te voegen. Geef zeker niet te veel, want kalk verlaagt de zuurtegraad en tomaten houden net van een licht zure grond. Druk de compost goed aan en geef ruim water.

Na het verplanten plaats je een steunstok ongeveer 5 centimeter van de stengel en bind je de plant al een eerste keer losjes aan. Je kan nu ook een plastic fles met gaten naast de tomaat ingraven, zo geef je water rechtstreeks aan de wortels.

Zo kan je een waterflesje gebruiken om rechtstreeks water aan de wortels te geven.

Teeltzorgen van Tomaat

Het zaaien, verspenen, inpotten en verplanten van onze tomaten is veel werk, maar ook terwijl de tomatenplant groeit is er nog heel wat werk aan de winkel. Belangrijk is het aanbinden van de tomatenplant en op de juiste momenten water geven.

Tomaten aanbinden

De tomaat is eigenlijk een woekerende plant, net zoals pompoen of courgette. Dat wil zeggen dat ze liefst over de grond zou groeien. Dat neemt echter veel kostbare plaats in en tomaten die de aarde raken kunnen gaan rotten. Daarom moet je de tomaat de hoogte inhelpen door de plant aan te binden. Hierbij maak je hem met een touwtje vast aan een steunstok. Als touw gebruik je bij voorkeur raffia of strokoord, of speciale strips daarvoor gemaakt. Het touwtje dient vooral ter ondersteuning, trek het dus niet te strak aan, zo kan de stengel nog wat dikker groeien. Eén touwtje onder elke bloementros (waar straks je zware tomaten komen) is ideaal.

Alternatieven voor de steunstok zijn de zogenaamde tomatenkooi en tomatenspiralen. De tomatenkooi ondersteunt de plant langs alle kanten. Zo hebben alle stengels steeds ondersteuning en hoef je niet te binden. Tomatenspiralen zijn spiraalvormige ijzers waarin de tomatenplant kan groeien. Deze ondersteunen de tomatenplant ook langs alle kanten maar bieden soms wat te weinig steun. Eén of twee touwtjes kunnen dan de oplossing bieden.

Voorbeelden van tomatenkooien en tomatenspiralen

Water Geven

Voldoende en op de juiste manier water geven is waarschijnlijk het belangrijkste om een sterke tomatenplant te krijgen. Door niet te veel water te geven gaan de planten diepe wortels maken die zelf op zoek gaan naar water. Je moet de plant als het ware trainen om zelf op zoek te gaan naar water. Een plant die te veel water krijgt doet dit niet en is daardoor te afhankelijk van het geven van water. Bovendien houden tomaten wel van een vochtige bodem, maar niet van een vochtige lucht. Dit zorgt namelijk voor schimmels.

Vlak na het planten in de serre kan je best elke dag water geven. Dit ga je geleidelijk afbouwen. Eerst geef je nog maar om de 2 dagen water, later elke 3 dagen enzovoort. Het uiteindelijke doel is om nog maar één keer per week water te geven. Sommige bodems die heel goed water vasthouden komen zelfs toe met maar één keer water geven elke drie weken!

Kijk goed naar je planten. Enkel wanneer de bladeren er wat slap bij hangen kan je eventueel wat extra water geven.

Heel belangrijk ook is het gebruik van mulching. Mulch is dood organisch materiaal dat je over de bodem van je moestuin verspreidt. Dit kan gaan om papiersnippers, grasmaaisel, hooi, stro,… Het voordeel van mulch is dat het de bodem bedekt waardoor deze minder snel uitdroogt. Het houdt dus ook de luchtvochtigheid (wat voor schimmels zorgt!) onder controle. Bovendien breekt dit materiaal langzaam af en zorgt het zo voor extra voeding voor je tomatenplant.

Snoeien: Dieven en Toppen van Tomatenplanten

Om de ideale opbrengst van je tomatenplanten te garanderen is het belangrijk dat je de plant een beetje onder controle houdt. Groeit hij te wild dan krijg je voornamelijk kleine tomaatjes en weinig opbrengst.

In de oksel van elk blad vormen tomatenplanten nieuwe scheuten, deze heten de dieven van de tomatenplant. Het weghalen van de dieven is een eenvoudig maar belangrijk proces. Verwarrend genoeg noemt men het weghalen van de dieven ook dieven. De dieven haal je weg wanneer ze nog zo klein mogelijk. Op dat moment kan je ze nog gewoon met de hand van de plant knijpen. Worden de dieven toch te groot om met de hand te verwijderen gebruik dan een scherp en proper mes.

Een tomatenplant zal in de hoogte verder blijven groeien zolang ze dat kan. Dit zorgt er echter ook voor dat ze veel meer trossen tomaten maakt die allemaal veel energie vergen en dus niet voldoende rijpen. Van een kleinere plant met minder tomaten heb je dus vreemd genoeg een grotere opbrengst. Daarom is het heel belangrijk een tomatenplant te toppen. Dat bestaat er in om de top van de tomatenplant weg te snijden zodat deze niet meer groeit.

Groei je tomaten in een pot of bak dan top je meestal na 4 á 5 trossen. In de serre topt men (afhankelijk van het ras) na 6 tot 8 trossen. Je kan nog hoger gaan, maar dan is het heel belangrijk dat je voldoende bijmest. Het ideale moment om te dieven is eind augustus, begin september.

Ziektes

Er zijn een aantal vervelende ziektes waar je als tomatenteler mee te maken kunt krijgen. De belangrijkse tomatenziektes worden veroorzaakt door schimmels. Een goede preventie is hierbij het belangrijkste wapen.

De meeste schimmelinfecties bij tomaten kan je herkennen aan vlekjes op de planten. Zo geeft de vervelende schimmel phytophtora bruine vlekken op de bladeren, botrytis geeft bruine vlekjes op de stengels of pluizige bruine vlekjes op de bladeren en cladosporium geeft geelbruine vlekken op de bladeren. Sommige schimmels kunnen de plant zo aantasten dat de plant afsterft. Het belangrijkste is dus een goede preventie.

Schimmels gedijen voornamelijk in vochtige omstandigheden. Een droge serre is dan ook heel belangrijk voor de preventie van schimmels. Met de volgende tips houd je je serre droog en schimmelvrij:

  • Geef niet te veel water en train je tomatenplanten zodat ze maar één keer per week water moeten krijgen. (zie hierboven)
  • Geef water aan de voet van de plant
  • Verlucht de serre regelmatig met frisse buitenlucht.
  • Leg een mulchlaag aan, zo verdampt er minder water van de bodem bij een hete dag
  • Haal de onderste bladeren van de tomatenplanten weg. Dit zorgt voor een betere luchtcirculatie en ook rijpen de tomaten sneller. Neem nooit te veel bladeren in één keer weg.
  • Doe het dieven wanneer de dieven zo klein mogelijk zijn, zo vermijd je te grote wonden waar de plant kwetsbaar wordt.

Een ander preventief middeltje tegen schimmel is het bestuiven van de bladeren met een aftreksel van heermoes of een oplossing van gesteentemeel.

Heb je dan toch last van schimmels verwijder de aangetaste plantendelen zo snel mogelijk. Composteer deze niet zelf, maar doe ze bij het groenafval.

Tomaat neusrot (Solanum_lycopersicum)

Een andere veelvoorkomende ziekte bij tomaten is neusrot. Bij neusrot krijgt het topje van de tomaat (de neus) een donkere, stijve kleur. Eenmaal een plant last heeft van deze ziekte is er helaas niets meer aan te doen. De grootste oorzaak is het gebrek aan calcium. Hebben je tomaten dus al eerder last gehad van neusrot dan kan je best wat kalk toevoegen aan de bodem. Ook zal je dan wat vaker moeten gieten. Te weinig water en grote schommelingen in vochtigheid van de bodem kunnen ook leiden tot neusrot.

Plagen

Er zijn een paar vervelende insecten waar tomatenplanten last van kunnen krijgen, maar de belangrijkste is de witte vlieg. Dit miniscule beestje kan zich verstoppen aan de onderkant van het tomatenblad. Ze leggen er eitjes en de larven die uit deze eitjes komen zuigen samen met de vliegen het sap uit het tomatenblad.

De meeste tomaten zijn wel bestand tegen een beetje aantasting van de witte vlieg, maar het grote probleem is de honingdauw die ze afscheiden. Dat is een zoete kleverige substantie (zoals de honingdauw bij bladluizen) waar ook schimmel graag op groeit.

Er zijn een aantal preventieve maatregelen die je kan gebruiken tegen de witte vlieg. Zo is het belangrijk om de serre goed te verluchten. Dit is sowieso een aanrader omdat het de kans op schimmels verkleint. Daarnaast is het belangrijk dat de bodem van de serre na de tomatenteelt niet uitdroogt. In een droge bodem overwinteren deze vliegjes om zo het volgende jaar weer toe te slaan. Zet daarom een nateelt in je serre (bijvoorbeeld wintersla of een groenbemester), zo droogt de bodem minder uit.

Heb je eenmaal last van de witte vlieg dan is de meest milieuvriendelijke oplossing om gebruik te maken van de natuurlijke vijanden van de witte vlieg zoals sluipwespen. Deze kan je aankopen in de gespecialiseerde handel.

Tomaten Oogsten en Bewaren

Eenmaal de tomaten hun rijpe kleur hebben gekregen kan je ze gemakkelijk oogsten door met de duim tegen het steeltje te duwen. De rijpe tomaat laat dan gemakkelijk los. Zijn ze bijna rijp maar hebben ze nog een lichte schijn dan kan je ze ook oogsten en zullen ze vanzelf nog rijpen.

Wees heel voorzichtig bij het oogsten. Rijpe tomaten zijn vrij kwetsbaar. Tomaten zoals ze in de winkel liggen zijn gekweekt om goed getransporteerd te kunnen worden, maar hebben daardoor wat aan smaak ingeboet. Onze moestuintomaten kunnen meestal niet veel aanrakingen verdragen, maar zijn dan natuurlijk ook veel lekkerder!

Niet alle tomaten zullen rijpen voor koning winter het land betreedt. Je kan daarom de tomaten ook laten narijpen. Voor de eerste nachtvorst pluk je alle tomaten en leg je ze heel voorzichtig in bakjes. Deze bakjes zet je op een frisse plaats in huis, met een temperatuur van ongeveer 16°C. Bedek ze met wat keukenpapier zodat ze niet uitdrogen. Het narijpen kan een paar weken duren. Verwijder daarom geregeld eventuele bedorven vruchten uit de bakjes.

Bewaring

Rijpe tomaten zijn best fragiel. Behandel ze dus met zorg, een kleine beschadiging van de tomaat kan tot bederf leiden.

Bij een temperatuur van 8-10°C kan een gezonde tomaat een paar weken bewaard worden. Let op, dit is dus iets warmer dan een gewone ijskast.

Zadenteelt

Wil je graag tomaten van eigen zaad telen dan kan dat. Je moet er natuurlijk wel op letten dat je met een zaadvaste variëteit te maken hebt, en geen hybride. De hybride kan je herkennen aan de merker F1 in de benaming.

Kruisbestuiving komt doorgaans weinig voor. Bloemen die met vreemd stuifmeel bevrucht zijn leiden vaak tot misvormde tomaten, dus neem zeker nooit zaad van misvormde tomaten.

Laat de tomatenplant zo lang mogelijk staan en laat de tomaten zo lang mogelijk aan de plant hangen. Neem enkel de meest rijpe tomaten voor de zadenteelt.

De zaden van de tomaat zitten verpakt in een soort gel. Deze gel bevat stoffen die ervoor zorgen dat de zaden niet kiemen. Deze stoffen zijn belangrijk want ze zorgen ervoor dat de zaden niet kiemen terwijl ze nog in de tomaat zitten. Soms gebeurt het dat deze stoffen niet meer in de tomaat zitten en dan krijg je rare jongens zoals op de foto hiernaast. Om de stoffen te verwijderen moet je ze aan een fermentatie onderwerpen. Giet de gel met zaden in een glas en voeg wat water toe. Roer enkele keren per dag om. Na drie dagen tot een week is de fermentatie afgelopen. Spoel de zaden goed af in een zeef en droog goed af met wat keukenpapier. De zaden kan je bewaren in koele, droge plaats.

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *