Geplaatst op Geef een reactie

Stengelui – De Volledige Kweekgids

Kweekgids Stengelui

Stengelui (Allium fistulosum) is een buitenbeentje in de moestuin. Met zijn witte schacht lijkt het een beetje op prei, maar de smaak en het groene blad doen toch meer aan grove bieslook denken. Deze groente is vooral heel erg gekend in Azië, en dan vooral in Japan, waar het wordt gebruikt in de klassieke miso soep.

Wat is Stengelui?

Biologisch gezien is stengelui hetzelfde als pijplook of grove bieslook. Deze soorten zijn in Oost-Azië verder ontwikkeld en het resultaat is de stengelui. Deze plant schiet minder snel door dan de pijplook.

Stengelui is lid van de uienfamilie, waar niet alleen de ui, maar ook prei, sjalot, knoflook en bieslook toe behoren. Net als prei maakt hij geen knollen aan. maar vormt hij lange, witte schachten en een groen blad. Het blad is dan weer rond en hol, net zoals bij bieslook.

In de keuken wordt zowel de witte schacht (als vervanging van ui of prei) als het groene blad (zoals bieslook) gebruikt. Het is een echte smaakmaker. Omdat hij veel eenvoudiger te kweken is dan prei raad ik stengelui aan als een opstapje naar de preiteelt.


Standplaats van Stengelui

Stengelui doet het goed in alle soorten grond.

Zonlicht en Water

Stengelui groeit ook in de schaduw en in de droogte. Maar de beste kweek je toch met voldoende zonlicht en water. Voeg daarom een beetje rijpe compost toe aan de bodem, zo houdt hij beter water vast.

Bodem en Vruchtwisseling

Stengelui heeft liever een lichte dan een zware grond. Een lichte grond is bovendien ook meer geschikt voor de ‘prei’-teelt van stengelui, waarbij je de plant gaat aanaarden om een lange, witte schacht te krijgen.

Aangezien stengelui familie van de look en uien is, is het ook logisch dat je deze groente op hetzelfde bed als deze groenten zet. Meestal is dat hetzelfde als het perceel van de wortelgewassen, maar sommige moestuiniers hebben een perceel speciaal voor look en uien. Naast de prei bij de bladgewassen staan ze zeker ook op hun plaats. Meer over de verschillende percelen in het moestuinplan kan je hier lezen.

Ui en look verdragen doorgaans geen extra bemesting. Dan gaan ze meer blad dan knol maken en worden ze zwak voor ziekten. Stengelui maakt echter geen knollen maar net blad dus je mag zeker wat extra compost toevoegen aan de bodem voor het zaaien of verplanten.

schema wisselteelt
Schema Wisselteelt met de 7 percelen

Zaaien en Verplanten

Er zijn twee verschillende manieren om stengelui te telen. Je kan rechtstreeks zaaien en uitdunnen. Deze manier levert vooral veel groen lof op en is ook geschikt om in potjes te kweken. Je kan ook voorzaaien en verplanten, net zoals je met prei zou doen. Deze teelt geeft je dan weer vooral veel van de witte stronk.

Door meerdere keren in het voorjaar te zaaien zorg je ervoor dat je stengelui kan oogsten van juli tot december.

Stengelui Zaaien

De makkelijkste manier om stengelui te krijgen is het los te zaaien. Dat kan op rijtjes die 10 centimeter van elkaar staan, met een zaadje elke 2 cm. Later kan je dan uitdunnen, zodat de stengeluien ongeveer 5 tot 10 cm van elkaar staan. Je kan ook breedwerpig zaaien, waarbij je geen aandacht schenkt aan rijtjes. Deze methode is voornamelijk geschikt om stengelui met veel groen lof te krijgen.

Je kan de stengelui zo ook in potjes of bakjes zaaien. Je mag dan vrij dik zaaien in de potjes en bakjes.

Op deze manier kan je zaaien van april tot juni.

Voorzaaien

Wil je voornamelijk de witte schacht eten, dan moet je een op prei gelijkende teelt toepassen. Zaai de stengelui in februari en maart voor in bakjes. Deze bakjes zet je in de koude bak of serre. In april kan je ook nog voorzaaien, maar dat kan op een zaaibed, zoals je dat ook voor bijvoorbeeld prei doet.

Als je wat te dik gezaaid hebt kan je steeds nog even verspenen naar grotere potjes.

Je kan in plaats van bakjes ook in potjes of persblokjes zaaien. Zaai dan twee of drie zaadjes die je later terugdunt tot één plantje.

Verplanten

Wanneer de stengelui de dikte heeft van een potlood kan je hem verplanten. Zet de bakjes onder water zodat de aarde makkelijk loskomt van de uien of maak de plantjes los in het zaaibed. Vervolgens maak je met je spade een smalle gleuf in de aarde. Plant de stengelui uit in deze gleuf, zo’n 5 tot 10 cm uit elkaar. Belangrijk is dat het hart niet onder de grond komt te zitten, dan gaat de plant rotten. Maak de gleuf dus niet te diep. Vul de gleuf niet met aarde, maar geef ruim water, zo slibt hij vanzelf dicht.

In plaats van een gleuf kan je de stengelui ook planten in plantgaten gemaakt met een pootstok. Deze zijn vaak wel iets groter, waardoor het niet zo simpel is om de de dunne plantjes op de juiste afstand te planten.

Als je wil aanaarden is het aangeraden om de stengelui in een greppel te planten. Graaf een ondiepe greppel van 10 centimeter diep en maak daarin de gleuf of de plantgaten. Doorheen het seizoen vul je de greppel langzaam op met aarde en heb je zo op een gemakkelijke manier je stengelui aangeaard.


Teeltzorgen

Stengeluien zijn gemakkelijke planten die niet veel verzorging vereisen. Belangrijk is om het perceel onkruidvrij te houden en geregeld water te geven. Aanaarden is ook nodig als je een goede witte stengelui wil.

Bij het aanaarden breng je aarde rond de stengelui zodat de stengel dieper in de grond staat. Omdat hier geen licht komt zet de plant de bladeren van de stengel vervolgens om in het lekkere wit. De ‘hoopjes’ die je maakt door het aanaarden warmen ook sneller op in de zon, waardoor de stengelui iets warmer staat, wat de groei bevordert.

Door zijn snelle groei kent stengelui weinig ziekten of plagen.


Oogst en Bewaren

De eerste stengelui die je in februari gezaaid hebt kan je in juli al oogsten. De laatste gezaaid eind april kan je tot het einde van het jaar nog oogsten.

Je kan de stengelui niet ‘te vroeg’ of ‘te laat’ oogsten. Oogst deze lekkere groente gewoon wanneer je hem nodig hebt. In de koelkast wordt hij nogal snel slap en hij bewaart dus niet zo goed als bijvoorbeeld prei. Dat kan echter geen probleem zijn. Als je meerdere keren per jaar zaait is er namelijk altijd wel wat stengelui klaar voor de oogst.

De gemakkelijkste manier om te oogsten is met een riek de grond los te maken en vervolgens de plant voorzichtig uit de grond te trekken. Let daarbij op dat je de andere stengeluien niet beschadigt.

Geef een antwoord

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *