Geplaatst op Geef een reactie

Radijs en Rammenas – De Volledige Kweekgids

Radijs en Rammenas kweekgids

Radijsjes zijn misschien wel de simpelste groente om te kweken in de moestuin. Ze groeien bovendien heel snel en zijn lekker en gezond. Ideaal voor beginners dus. Minder bekend is het neefje van de radijs, de rammenas. Deze zijn ook makkelijk te kweken en zijn vaak lekker pittig. In deze kweekgids leg ik je uit hoe je zelf gemakkelijk radijs en rammenas kweekt.

Soorten Radijs en Rammenas

Radijs en rammenas horen beiden tot dezelfde soort, namelijk Raphanus sativus. Radijs is de variatie Raphanus sativus var. radicula en rammenas is de variatie Raphanus sativus var. niger. Het kan moeilijk zijn om radijs van rammenas te onderscheiden. Kijk daarom naar de Latijnse naam om zeker te zijn.

Soorten Radijs

Radijzen komen in veel verschillende kleuren en vormen voor. Meestal zijn ze echter rood, roze of wit. De knollen kunnen rond of langwerpig zijn en kunnen vrij klein of net vrij dik zijn.

Het ‘knolletje’ is biologisch gezien een verdikking van de stengel en niet van de wortel. De eigenlijke wortel hangt nog onderaan de radijs en wordt vaak het ‘staartje’ genoemd.

Vers geoogste rammenas uit de moestuin

Soorten Rammenas

Rammenas is heel gelijkaardig aan radijs, met het grote verschil dat rammenas doorgaans iets groter is. Rammenas heeft vaak een zwarte schil, maar die kan ook rood of wit zijn. Het knolletje kan ook hier veel verschillende vormen hebben.

Sommige soorten zaai je beter in het voorjaar om in de zomer te oogsten (‘zomerrammenas‘), andere wordt in de zomer gezaaid om in het najaar te oogsten (‘winterrammenas‘)

Daikon

Een derde type dat tussen de rammenas en de radijs valt is de Japanse Daikon. Deze maken zeer grote en lange witte knollen. Bijzonder aan deze groente is dat hij vrij goed te bewaren valt. De teelt van daikon is gelijkaardig aan die van rammenas.

Daikon heeft een vrij sterke wortel die overal tussen wroet. Hij wordt dan ook nogal vaak gebruikt om harde grond los te breken.

Daikon heeft een milde smaak en wordt voornamelijk gebruikt in de Japanse keuken.

Onze Radijs en Rammenas

Standplaats van Radijs en Rammenas

Radijs en rammenas groeien vrij snel en stellen ook geen hoge eisen aan de standplaats. Er zijn wel een aantal dingen waar je op kan letten om een goede oogst te verzekeren.

Zonlicht en Water

Radijs en rammenas doen het goed zowel in volle zon als in halfschaduw.

Het is belangrijk dat ze altijd voldoende water ter beschikking hebben, zonder dat de bodem zompig wordt. Te weinig water kan er voor zorgen dat de radijzen doorschieten of voos worden. Te veel water na een droge periode kan de knol barsten.

Bodem en Vruchtwisseling

Een luchtige zand of zandleembodem is steeds de beste bodem voor radijzen. Hier kan de knol vrijuit de bodem ingroeien en vloeit overtollig water vlot weg. Heb je een zwaardere bodem dan kan je ook radijzen kweken, maar kies dan voor kleine, ronde rassen. Lange rassen en zeker daikon hebben absoluut een luchtige bodem nodig.

Net zoals andere wortels en knollen mogen radijs en rammenas zeker niet teveel bemesting krijgen. Dan groeit voornamelijk het blad en niet zozeer de knol. Mest of compost geven is dus uit den boze!

Indien je het moestuinplan met de verschillende percelen volgt kan je je afvragen waar radijs en rammenas precies thuishoort. Biologisch gezien horen deze planten namelijk tot de familie van de kolen. Hun behoeften zijn eigenlijk meer gelijkaardig dan die van de wortels en knollen. Daarom raad ik ook altijd aan om deze bij voorkeur hier te zaaien. Radijs heeft echter zo een korte kweekduur dat het eigenlijk niet echt uitmaakt waar je hem zaait. De kans op bodemziekten zoals bijvoorbeeld knolvoet is dan ook heel klein. Kweek je daikon, overweeg dan toch een plekje bij de kolen. Deze zit namelijk wat langer in de bodem en kan knolvoet ontwikkelen.

schema wisselteelt
Schema Wisselteelt met de 7 percelen

Voor- en nateelt

Omdat radijs en rammenas zo snel groeien worden ze bijna exclusief als voor- of nateelt gekweekt. Hierbij zaai en oogst je radijsjes voor je een andere groente zaait of zaai je na de oogst van een andere groente. Deze gevorderde techniek is ideaal als je het gebruik van de beschikbare grond wil optimaliseren. Wil je voor- of nateelt eens uitproberen dan zijn radijzen de ideale groente om mee te beginnen.

Heel vaak wordt radijs ook tegelijkertijd met ander groenten gezaaid. Zo kan je radijszaad en wortelzaad mengen voor het zaaien. Radijszaad kiemt vrij snel terwijl de wortelen op zich laten wachten. Zo kan je de rijen zien waar de wortels gezaaid zijn. En voor de wortels te groot worden zijn de radijzen dan al gekiemd. Ook tussen andere trage groeiers zoals sla of erwten worden radijzen wel eens gezaaid.

Radijs en Rammenas Zaaien

Radijs zaaien

Radijzen kan je eigenlijk bijna het hele jaar door zaaien. Van oktober tot februari zaai je best in de serre of een andere warme plek met veel licht. Van maart tot september kan je rechtstreeks in de tuin zaaien. Sommige lange rassen die er wat langer over doen om te groeien kan je best enkel zaaien tussen februari en oktober.

Radijs zaaien is kinderspel. Je kan zowel op regels zaaien als breedwerpig zaaien.

Het breedwerpig zaaien houd in dat je vele zaadjes uitstrooit op een klein perceel. Vervolgens hark je het zaad licht de bodem in. Dit is heel gemakkelijk maar heeft als nadeel dat je niet goed kan controleren hoe diep de zaadjes liggen of hoe goed ze verspreid zijn. Kies bij voorkeur voor kleine rassen om breedwerpig te zaaien. Merk je dat er radijsjes te dicht bij elkaar groeien, dun ze dan uit. Als je dat niet doet krijg je radijzen met weinig knol en veel loof.

Als je op rijtjes of op regels zaait dan zijn de afstanden tussen de rijen en de radijzen binnen de rijen afhankelijk van het ras. Meestal zijn de afstanden tussen de regels 10 à 15 centimeter, tussen elk zaadje 1,5 à 2,5 centimeter. Later dun je dan uit tot 2 à 4 centimeter.

Om steeds voldoende radijzen te hebben is het best om niet alles in één keer te zaaien, maar telkens een beetje elke 1 à 2 weken.

Rammenas en Daikon zaaien

Rammenas kan je niet het hele jaar door zaaien. Afhankelijke van het ras kan je deze zaaien van april tot juni of van juni tot augustus.

Rammenas zaai je nooit breedwerpig, op rijtjes zaaien heeft steeds de voorkeur. De afstanden zijn ook afhankelijk van het ras. Lees dus steeds goed de bijgevoegde fiche.

Het zaaien van Daikon gebeurt op een gelijkaardige manier. Je kan zaaien van april tot augustus, maar zaaien in juli of augustus is aangeraden. Zo voorkom je doorschieten.

In potten of bakken zaaien

Radijs en rammenas kan je perfect ook in potten of bakken zaaien. Kies dan bij voorkeur wel voor de kleine rassen. Voor radijs maakt de grootte van de pot weinig uit, een rammenas heeft meestal wel graag een diepe pot.

Vul de pot of bak niet met zuiver potgrond, deze is te rijk aan meststoffen voor de radijzen. Kies eerder voor een zaai- en stekgrond, of neem potgrond maar voeg hier wit rijnzand aan toe. Hoe je zaai- en stekgrond eenvoudig zelf maakt kan je hier lezen.

Teeltzorgen

De tijd tussen zaaien en oogsten is zo klein bij radijs dat er zelden problemen optreden. Bij rammenas zijn er wel een paar kleine dingen waar je op kan letten.

Water

Het belangrijkste is dat radijs en rammenas steeds voldoende water hebben. Hebben ze dat niet dan krijg je een voze radijs met een zeer scherpe, onaangename smaak. Geef je plots veel water aan radijzen en rammenassen die in een droge bodem staan dan kunnen ze gaan barsten.

Ziektes en Plagen

Radijs en rammenas kennen weinig ziektes. Een rammenas of daikon die wat langer in de grond blijft kan wel knolvoet ontwikkelen. Om deze typische kolenziekte te voorkomen zaai je deze groenten best bij de kolen. Zo is er steeds 6 jaar tussen 2 teelten van rammenas en kan de knolvoetschimmel zich niet ontwikkelen. Heb je toch last van knolvoet voeg dan kalk toe aan de grond zodat de pH boven 7.2 komt te liggen. Hierin kan de knolvoetschimmel niet overleven.

Ook typisch voor kolen en kruisbloemigen is de vlokever. Deze kleine insecten leggen hun eieren in de bodem naast rammenas en radijs. De larven die hier uitkomen vreten de wortels aan. Dit probleem wordt verergerd bij droogte, dit is nog een goede reden om je radijzen nat te houden.

Oogst

De oogst van radijs kan niet simpeler zijn: je trekt ze gewoon met het loof uit de grond. Voor de echt lange rammenassen of Japanse daikons kan je eventueel een riek gebruiken om de bodem eerst wat losser te maken.

De meeste radijzen en rammenassen bewaren niet lang. In de ijskast blijven ze (zonder loof) nog enkele dagen lekker. Sommige rammenassen (de zogenaamde ‘winterrammenassen’) en ook Japanse daikons kunnen wel lang bewaren. Om ze zo lang mogelijk vers te houden kan je ze best inkuilen.

Zaadteelt

Zaad telen om volgend jaar radijzen of rammenassen van eigen zaad te kweken is niet heel eenvoudig. De planten moeten voldoende ruimte hebben (toch wel 30 centimeter tussen twee radijzen). Radijzen zaai je zo vroeg mogelijk, zo heb je in het najaar al de zaden. Rammenas en Japanse daikon maken niet snel genoeg zaad aan en moet je dus de winter zien door te krijgen. Eén manier is om ze te oogsten en in te kuilen. In het voorjaar kan je dan weer uitplanten.

Geef een antwoord

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *